Accreditatie

Tien random vragen en stellingen uit de KST

Vraag 1

Bestaat er een duidelijk en expliciete visie op de vraagstukken en de ontwikkelingen in het beroepenveld?

Vraag 2

In welke mate sluiten de eindkwalificaties van de opleiding aan bij de niveaubeschrijvingen, zoals verwoord in de Dublin Descriptoren?

Vraag 3

Kent u het totale beroepsprofiel cq de beroepscompetenties van de opleiding in tegenstelling tot alleen de competenties van een leseenheid?

Vraag 4

Wordt het verslag danwel de uitkomsten van het overleg van de werkveldcommissie besproken met de docenten?

Vraag 5

Wordt structureel gekeken naar de studielast van leseenheden/modules die veel uitval of slechte toetsscores kennen?

Vraag 6

In welke mate sluiten de werkvormen van het didactisch concept aan bij de leerdoelen?

Vraag 7

In welke mate worden toetsen beoordeeld op validiteit, betrouwbaarheid en objectiviteit?

Vraag 8

Het afwijken van het toetsplan wordt te allen tijde schriftelijk vastgelegd en gedocumenteerd.

Vraag 9

Mijn leidinggevende is volkomen helder aangaande de door hem gewenste kwaliteit van de door mij te verrichten werkzaamheden.

Vraag 10

Bespreekt u eventuele verbetermogelijkheden ten aanzien van studentbegeleiding in het docentenoverleg?